'Literatuur hoeft helemaal niet funky te zijn'
__________________________________________

Taken from De Morgen 14-04-2004

Jeroen de Preter

Gesprek met Paul Mennes, Christophe Vekeman & Mauro Pawlowski

Geletterde Mensen met Paul Mennes, Christophe Vekeman en Mauro Pawlowski. Vanavond in de Stadsschouwburg in Kortrijk. Later nog in de Schouwburg van Leuven (21/4), Casino Modern in Genk (22/4), Vooruit in Gent (23/4), PSK in Brussel (24/4). Inlichtingen: 03/272 40 41 of www.begeerte.be

Geen Johan Museeuw meer op onze wegen, doch kop op. De komende weken kunt u in diverse schouwburgen in Vlaanderen gaan kijken naar de exploten van Paul Mennes, Christophe Vekeman en Mauro Pawlowski, drie klassiek geschoolde mannen die ondanks hun gevorderde leeftijd nog lang niet aan stoppen denken. Sterker nog: hun ronde van Vlaanderen markeert mogelijk een nieuw begin. 'Het motto van onze tour zou een songtitel van Mauro kunnen zijn: 'Tired of Being Young'.' Jeroen de Preter

Toen schrijver Christophe Vekeman enige tijd geleden door de literaire vereniging Behoud de Begeerte gevraagd werd om twee schrijvers te kiezen met wie hij graag op pad zou gaan, moest hij daar toch even over nadenken. "Ik kon desgevraagd alleen maar op Paul Mennes komen", zegt hij. "Zo ontstond het idee om er een muzikant bij te vragen. En als je het woord 'muzikant' laat vallen, denk je natuurlijk automatisch aan Mauro." "Bovendien", zegt Mennes, "als je gaat touren, doe je dat liever met mensen van wie je kunt vermoeden dat je hun aanwezigheid meer dan één avond kunt verdragen."

Het was jullie wellicht ook opgevallen dat Mauro Pawlowski een van die schaarse rockers is die in een interview weleens de naam van een schrijver laten vallen.

Mennes: "Dat was mij inderdaad niet ontgaan. Daar kwam ook nog eens bij dat hij meer is dan alleen maar een rocker. Hij is bijvoorbeeld ook actief in het theater en acteert in twee clips van Magnus (het samenwerkingsproject van CJ Bolland en Tom Barman, JdP). Dat duizendpotige spreekt me wel aan in hem."

Mauro, als jij over literatuur spreekt, gaat het meestal over Vestdijk. Opmerkelijk toch, want hij is een erg klassieke schrijver met een bijzonder omvangrijk oeuvre.

"Lezen is mijn hobby. Mijn enige hobby, want muziek maken zie ik echt wel als werken. Het is een hobby die veel tijd vraagt, wat niet evident is als je zo'n jachtig leven leidt. Als ik de tijd vind om te lezen, wil ik vooraf weten dat ik er iets aan zal hebben. Dat het niet aan de oppervlakte blijft."

Vestdijk schrijft over geloofskwesties.

"Ja, maar vanuit een filosofisch standpunt. Ik denk niet dat het een katholieke schrijver is."

Misschien zoek je bij Vestdijk wel een tegengewicht voor je rock-'n-roll-bestaan?

"Dat zou weleens kunnen, ja. Ik zit tot over mijn oren in de urban lifestyle. Dan ligt het voor de hand dat je in je vrije tijd wat anders gaat zoeken."

Vekeman: "In mijn bekering tot de rock-'n-roll als ideale levensstijl, heeft Ivoren Wachters van Vestdijk een bepalende rol gespeeld. Het idee van de dichter die zijn tandartsrekening betaalt met gedichten - voor mij is dat rock-'n-roll ten voeten uit."

Pawlowski: "Je mag Vestdijk op dat vlak inderdaad niet onderschatten. In het laatste boek dat ik van hem las, was er al in het eerste hoofdstuk een wurgseksslachtoffer gevallen. En de liefhebbers van incest kwamen ook al meteen aan hun trekken."

Mennes: "Mooi zo."

Mauro, het gerucht gaat dat jij tijdens de tournee zult

voorlezen...

"... uit eigen nat? Paul en Christophe zijn daar een groot voorstander van. Ik probeer me er hardnekkig tegen te verzetten, voorlopig zonder veel succes."

Je hebt dus wel wat literairs in de la liggen?

"Ja, ik bedoel, nee, ik weet het niet. Het is dat ik eigenlijk niet goed durf. Als ik het doe, moet het goed zijn. En ik ben helemaal niet zeker of het wel goed is. Ach, zwijg er maar over. Hoe meer ik erover praat, hoe meer ik de weg terug afsluit."

Sluipt er weleens wat Vestdijk in de muziek van Mauro

Pawlowski?

Pawlowski: "Mijn muziek wordt beïnvloed door alles wat ik zie, hoor, lees... dus ja, dat zal wel. Maar het is niet zo dat je zinnen van hem in mijn teksten zult vinden. Zo simpel werkt dat niet."

Vekeman: "Ik zou het proces van beïnvloeding durven te vergelijken met een melodietje of een toon die in je hoofd blijft hangen en op die manier - zonder dat je je daar echt bewust van bent - zijn sporen nalaat. In 1978 legde mijn grootmoeder, bij wie ik toen inwoonde, Heroes van David Bowie op. De toon van die plaat is jarenlang in mijn hoofd blijven hangen, op dezelfde manier als later de toon van boeken als De Avonden of Ivoren Wachters in mijn hoofd is blijven rondspoken en mij uiteindelijk ten diepste heeft beïnvloed."

Christophe, jij bent de enige in dit gezelschap die zelf geen muziek maakt. Tenzij jij de

komende weken voor de grote verrassing gaat zorgen.

"Dat zou van weinig respect getuigen voor het publiek (lacht). Nee, ik kan geen enkel instrument bespelen. Nochtans kom ik uit een familie van dirigenten, muziekleraars en kosters. Als kind heb ik piano moeten leren spelen, maar daar had ik duidelijk geen talent voor."

Terwijl je als schrijver wel veel aandacht aan ritme besteedt.

"Het ritme was niet zo'n probleem. Wat me niet lukte was om met je twee handen twee verschillende dingen te doen. Met twee handen typen lukt nog net. Maar los daarvan klopt het wel dat ik de muzikaliteit van een tekst, de muziek tout court eigenlijk, erg belangrijk vind. Literatuur en muziek zijn volgens mij ook de twee grootste kunstvormen."

Het jongste decennium is vaak geprobeerd de twee disciplines met elkaar te vermengen. Heeft die kruisbestuiving eigenlijk al iets opgeleverd dat de moeite waard is?

Mennes: "Je kunt natuurlijk niet verwachten dat die enkele acts die in een paar dagen tijd in elkaar zijn gestoken onmiddellijk van hetzelfde formaat zijn als de Festspiele in Bayreuth. Maar in de tien jaar dat De Nachten bestaan, heb ik echt al wel dingen gezien die de moeite waard zijn. Helaas moet ik vaststellen dat steeds minder schrijvers het risico nog durven te nemen."

Vekeman: "Eerlijk gezegd vind ik die zoektocht naar de ideale kruisbestuiving tussen literatuur en muziek een beetje geforceerd. Niet het minst omdat die in wezen al bestaat. Popmuziek is niet goed zonder goede teksten. Denk aan de platen van Mauro en - uiteraard - die van Bob Dylan. Literair is Dylan even sterk als muzikaal. Van de kruisbestuiving zoals die tijdens een festival als De Nachten wordt nagestreefd, kan ik me eigenlijk maar één goed voorbeeld voor de geest halen: Spare Ass Annie and Other Tales van William S. Burroughs en The Disposable Heroes of Hiphoprisy, een fantastische plaat die niet toevallig door veel samenwerkende schrijvers en muzikanten als voorbeeld wordt aangehaald. Ik vrees echter dat dat voorbeeld zogoed als onnavolgbaar is."

De kruisbestuiving tussen literatuur en muziek is overigens allesbehalve nieuw. Voeg er nog wat theater aan toe, en je hebt een opera. Iemand zin om dat genre te revitaliseren?

Mennes: "Die Ledermaus, misschien? (walgend) Rockopera's... ik moet er niet aan denken. De rockopera's die ik ken, lijken me een goed argument om er niet aan te beginnen."

Ga jij tijdens de voorstelling ook muziek maken, Paul?

"Ik denk van niet. Het is te moeilijk om je tegelijk te concentreren op muziek maken en voorlezen. En in het gezelschap van Mauro zou het ook van weinig bescheidenheid getuigen. Ik laat het muzikale gedeelte met veel plezier aan hem over. Hij is daar veelzijdig genoeg voor. Mauro kan serieus hard uit de hoek komen, maar als het pas geeft ook mooie levensliederen zingen."

Pawlowski : "En croonen. Ik doe niets liever dan croonen. Je hoeft me maar een half seintje te geven en ik sla al aan het croonen. Jullie zijn bij deze gewaarschuwd."

Naar aanleiding van deze tournee noemde Paul in Humo de tien platen die zijn leven hebben veranderd. Kunnen boeken even bepalend zijn?

Pawlowski: "Natuurlijk wel. Op een minder directe manier kan literatuur net zo overrompelend of richtinggevend zijn. Al zijn er uiteindelijk miljoenen dingen die je leven kunnen veranderen. De banaalste misschien nog wel het meest."

Mennes: "Als ik eerlijk ben: misschien is muziek voor mij toch net iets essentiëler dan literatuur. Ik voel me niet lekker als ik niet elke dag mijn honderd pagina's gelezen heb, maar soms - bijvoorbeeld als ik een kater heb - lees ik ook helemaal niets. Terwijl ik me geen dag kan herinneren waarop ik geen muziek heb beluisterd."

Was het een leeservaring die je deed besluiten om zelf schrijver te worden?

Mennes: "Van een aantal boeken van Brouwers dacht ik tijdens het lezen: zo wil ik ook kunnen schrijven. Maar het is niet zo dat ik meteen na het dichtklappen ervan zelf achter de schrijftafel ben gaan zitten."

Pawlowski: "Mijn lot was bezegeld toen ik 'Crazy Horses' van The Osbornes hoorde. Nu vind ik die plaat absoluut geen meesterwerk meer. Het was gewoon de juiste plaat op het juiste moment. Een frequentie die je herkent en die je raakt."

Mennes: "Het omgekeerde kan trouwens ook gebeuren. Toevallig - of misschien net niet toevallig - zijn wij alle drie grote voorstanders van glamrock. Ik heb begrepen dat ook Mauro en Christophe dol zijn op bijvoorbeeld T-Rex. Toen ik vijftien was, vond ik dat verschrikkelijke muziek, al was het maar omdat mijn broers het zo geweldig vonden."

Een gemene vraag voor de twee schrijvers: hebben jullie de supercoole Mauro eigenlijk ook niet een heel klein beetje erbij gevraagd om jullie hippe imago nog wat op te schroeven?

Mennes: "Hip? Ik ben 36, beste man. Ik weet niet eens wat dat woord betekent. Is 'hip' geen term uit de jaren zestig?"

Vekeman: "Ik zou mezelf toch veeleer een klassiek mens noemen. De hipste, om zo te zeggen modernste schrijver met wie ik nog enige affiniteit voel, is Jeroen Brouwers. Verder lees ik Dostojevski, Elsschot, Nescio. Niet echt funky, dunkt mij."

Pawlowski: "Ik ben ongetwijfeld de hipste van de drie. Maar binnen de wereld van de rock-'n-roll ben ik ook een klassieke jongen, hoor. Ik moet het uiteindelijk in de eerste plaats hebben van mijn technische bagage."

Eigenlijk hebben wij hier te maken met drie degelijk opgeleide en beschaafde collegejongens?

Vekeman: "Drie kostschooljongens."

Die ons de komende weken zullen verblijden met een harmonieus en hartverwarmend programma voor het ganse gezin?

Mennes: "Zo is dat. Ik heb gisteren de tekstselectie van Christophe voor het eerst gezien. Mijn teksten sluiten er mooi bij aan. Het motto zou een songtitel van Mauro kunnen zijn: 'Tired of Being Young'."

Vekeman: "Een beter statement van onze onhipheid is niet denkbaar."

Hoe komt het, denken jullie, dat het vandaag bon ton is om te zeggen dat je van Vlaamse pop of rock houdt, terwijl je nog altijd maar beter Amerikaanse schrijvers kunt noemen als het over literatuur gaat?

Mennes: "Ik heb daar geen pasklaar antwoord op. Toen ik jong was, las ik ook zelden Vlaamse schrijvers. Mijn argument was toen dat een nieuwe pocket van een Amerikaanse schrijver veel minder kostte dan een nieuw boek van een Vlaamse schrijver."

Vekeman: "Dat nieuwe en overigens terechte chauvinisme tegenover Vlaamse rock wordt ook door de media versterkt. Een zender als Studio Brussel en een blad als Humo doen heel hard hun best om die muziek te pushen."

Terwijl ze dat niet doen met jonge Vlaamse schrijvers.

Mennes: "De ruimte voor literatuur is zeer beperkt. Humo heeft een halve pagina boekbespreking per week. Veel kun je daar niet mee beginnen. Maar ze doen hun best."

Vekeman: "Ik kan het, samen met veel generatie- en vakgenoten, betreuren dat er in die halve pagina nog nooit een boek van mij besproken is, maar in feite is het niet meer dan logisch. Als je zo weinig ruimte hebt, is het niet meer dan vanzelfsprekend dat ze eerder de nieuwe Jonathan Franzen zullen bespreken. Bovendien is Humo een mainstreamblad dat een jong en zo breed mogelijk publiek probeert te bereiken. En jonge mensen zijn nu eenmaal meer geïnteresseerd in pop van hier en nu dan in literatuur." Pawlowski: "Als het over pop gaat, mag het om een of andere reden ook allemaal wat luchtiger zijn. Van mij wordt niet verwacht dat ik diepzinnige dingen zeg. Integendeel: ik voel eerder een zekere druk om licht te zijn. Je merkt dat ook in de kritieken. Over popmuziek wordt vaak veel luchtiger geschreven. Literatuurkritiek is dikwijls veel analytischer."

Zou een soort Rock Rally voor beginnende schrijvers iets aan het imago van de literatuur kunnen veranderen?

Pawlowski: "Ik weet niet of dat nodig is. Literatuur hoeft voor mij absoluut niet funky te zijn. Laat het maar zijn wat het is."

Mennes: "Trouwens, waarom moet de competitiviteit per se ook in de literatuur worden ingevoerd? Literatuur is toch geen wedstrijd? Van literaire prijzen wordt vaak beweerd dat ze er zijn om de literatuur te promoten. In werkelijkheid bestaan ze vaak in de eerste plaats om de sponsors van die prijzen te promoten. Wat niet wegneemt dat ik zo'n prijs in dank zal aanvaarden. Het flatteert je, en tegen een grote smak geld zeg ik niet nee."

In tegenstelling tot Mauro worden Christophe en Paul meestal over het hoofd gezien als de prijzen worden verdeeld.

Pawlowski: "Ik ben gewoon een winnaarstype (lacht). En als ik er, zoals onlangs bij de Vlaamse Cultuurprijzen, net naast grijp, sla ik de boel kort en klein. Ik veronderstel dat ze daar in het vervolg rekening mee zullen houden."

Vekeman: "Ik heb lang gedacht dat ik geen prijzen won omdat ik mezelf niet inschreef voor die prijzen (lacht). Inmiddels heb ik begrepen dat het te maken heeft met het soort literatuur dat ik schrijf. Blijkbaar schrijf ik niet het soort boeken dat literaire jury's willen bekronen. Mijn boeken hebben in de verste verte niets te maken met een boek als Paravion van Hafid Bouazza of Tongkat van Peter Verhelst."

Hoe komt het dat Herman Brusselmans nog nooit een literaire prijs heeft gekregen?

Vekeman: "Hij is een extreme schrijver die een vrij extreem levensgevoel uitdraagt. Peter Verhelst is ook een extreme schrijver, maar het is wel literaire extremiteit. Het soort extremiteit dat je ook in het SMAK terugvindt. Dat soort schrijvers wordt veel makkelijker voor vol aangezien dan een schrijver die, zoals Brusselmans, rond zich kijkt en noteert wat er op straat of op café gebeurt."

Tijd voor de slotvraag: kun je als popster waardig ouder worden?

Pawlowski: "We zullen zien. Je wordt als popster natuurlijk constant aangemoedigd om je als een paljas te gedragen. Belachelijk doen hoort bij het vak. Je moet je ook op alle mogelijke manieren opdringen aan het publiek, anders ben je geen goede popmuzikant. (lacht) Maar misschien is deze tournee wel een eerste stap in mijn langzame transformatie tot schrijver."

Mennes: "De rock-'n-roll is ook nog maar vijftig jaar oud, hé. Eigenlijk zit je nu pas aan de eerste lichting rocksterren die oud worden. Het is een beetje normaal dat ze niet goed weten hoe ze daarmee om moeten gaan. Is Mick Jagger pathetisch of juist zeer leuk? Ik weet het niet." Vekeman: "Inmiddels zijn er toch ook wel een paar popsterren die hebben bewezen dat het wel kan. Madonna vond ik pas na de jaren tachtig goed. En David Bowie en Bob Dylan mogen er nog altijd wezen. Of denk aan Juliette Gréco, een dame van ver in de zeventig die toch maar mooi een vijfsterrenrecensie wist los te peuteren in De Morgen."

Mennes: "Of de mannen van Kraftwerk. Dat zijn ook geen jonge springers, al valt dat niet op omdat ze zich nooit laten fotograferen. Dat is ook een manier, natuurlijk."

Tijd voor de foto's. Bedankt, succes en tot ziens!

Jeroen de Preter

Mauro Pawlowski: 'Van mij wordt niet verwacht dat ik diepzinnige dingen zeg. Integendeel: ik voel eerder een zekere druk om licht te zijn'Christophe Vekeman: 'In mijn bekering tot de rock-'n-roll als ideale levensstijl, heeft 'Ivoren Wachters' van Vestdijk een bepalende rol gespeeld. De dichter die zijn tandartsrekening betaalt met gedichten - voor mij is dat rock-'n-roll ten voeten uit'Paul Mennes: 'Hip? Ik ben 36, beste man. Ik weet niet eens wat dat woord betekent. Is 'hip' geen term uit de jaren zestig?'

l Paul Mennes (1967) is tien jaar schrijver.

Behalve boeken als Tox (Debuutprijs 1995), Soap en de tot theaterfeuilleton bewerkte 'eclipsroman' Poes poes poes schreef hij ook de toneelstukken Lits Jumeaux en WYSIWYG.

l Hij heeft ook een (licht uit de hand gelopen) hobby: het componeren van elektronische muziek. Mennes legt thans de laatste hand aan een nieuwe roman. l Christophe Vekeman (1972) debuteerde vijf jaar geleden met Alle mussen zullen sterven. l Spoedig volgde er een inktzwarte maar daarom niet minder ontroerende misdaadroman Iedereen kan het, alsook een bundel zeer uiteenlopende verhalen, getiteld Wees maar niet bang. l Columns van zijn hand verschijnen in Zeno, de zaterdagbijlage van De Morgen. l Vekeman werkt voorts ook naarstig aan een nieuwe roman. l Mauro Pawlowski (1971) won in 1994 Humo's Rock Rally met de Evil Superstars, een groep die zijn naam voorwaar niet gestolen had. l Als de groep in 1998 split, richt Pawlowski in hoog tempo nieuwe groepen op, met Mauro and the Grooms als voorlopig eind- en hoogtepunt. l Verder is Pawlowski, Limburger én wereldburger, ook actief als dj en acteur. Samen met Willy Claes verzorgde hij vorig jaar een kerstconcert.