De lijkschouwing __________________________________________

Taken from Veto 15-03-2004

Vadermoord in Het Stuk

Cemil Belek

Vorige week ging de derde editie van Vadermoord van start. Belgische muzikanten worden uitgenodigd om liedjes van hun idolen te brengen. Mauro Pawlowski was er een van en bleek ook nog bereid om Veto te woord te staan.

De twee optredens van die eerste avond waren meteen goed voor een voltreffer. Eerst scheurde Thomas Devos door het repertoire van Madou. Het enige album van vader- en moederlief waar men in de folkwereld tot op de dag van vandaag nog altijd over spreekt. Dan was het de beurt aan Mauro Pawlowski die nummers van de excentrieke free jazz legende Sun Ra bracht. Toen we, lichtjes aangepord door onze huisfotograaf, op Mauro afstapten en hem vroegen of hij even tijd had voor een interview, waren we meer dan verrast dat deze supersympathieke rockgod "Geen probleem." zei.

Veto: Waarom Sun Ra?

Mauro Pawlowski: «Ik ben een fan van zijn muziek. Hij was tevens een zeer goede muzikant. Wat mij vooral aantrekt in zijn persoon is het feit dat hij zo op zichzelf stond. En dan gaat het niet alleen om de muziek, maar eveneens om de mythologie die hij rond zijn persoon creëerde (Hij beweerde onder meer dat hij van de planeet Saturnus afkomstig was, cb). Hij heeft heel uiteenlopende dingen gedaan. De evolutie die hij doormaakte en hem bij de free jazz bracht, is niet in fases verlopen. Zelfs op het einde van zijn carrière durfde hij terug naar de traditionele jazz te grijpen.»

Veto: Soms deed het optreden aan Somnabula denken. Had je voor dat soloproject je inspiratie bij Sun Ra gehaald?

Pawlowski: «Ik denk het wel. Nu je het zegt. Het klinkt haast hetzelfde: Sun Ra, Somnabula. Maar, ik heb niet gedacht van: 'Ik ga zoiets als hem doen.' Blijkbaar voel ik een soort verwantschap met die manier van werken. Zoals ik al zei vind ik zijn muziek zeer goed, maar ook de shows die hij bracht. Zijn leven op zich was een kunstwerk.»

Veto: Kenners beweren dat zijn muziek in de traditionele jazzwereld nooit geaccepteerd werd omdat hij door zijn shows de aandacht van de essentie afleidde.

Pawlowski: «Daar is niets mis mee. Ik vind die kostuums en het spektakel helemaal niet overbodig. Dat het de aandacht afleidt, wil ik niet ontkennen. Ik heb er geen probleem mee. Zolang de muziek maar goed is, mag je voor mijn part met een panter op het podium stappen. Als Sun Ra een middelmatige artiest zou geweest zijn, dan zou ik iets hebben van: 'Misschien een beetje meer repeteren, jongen.' Ik zie hem als een soort van gospelpriester, met al die gewaden en zo. Ja, het is folklore, hé. Zoiets is belangrijk. Ik hou daar wel van.»

Veto: Het publiek was mee, maar het leek alsof je er nog meer uit wilde halen. Onze fotograaf wou op een gegeven moment mee op het podium stappen en zo zijn ding doen, maar wist niet of het wel kon.

Pawlowski: (tegen fotograaf Pieter Baert) «Je had dat moeten doen, jong! Echt, dat had nog leuk kunnen worden.»

Hokjes

Veto: Je hebt nu net Sun Ra gebracht. Je interesse gaat van rauwe gitaarrock over in Fleetwood Mac tot Barry White. Zijn er eigenlijk muziekgenres of groepen die je niet graag hoort?

Pawlowski: «Tuurlijk, maar ik ben een fervent voorstander van hokjes in de muziek. (plechtig) Zoiets mag nooit verdwijnen. Het gaat mij ook om de mens achter muziek. Bij Fleetwood Mac, bijvoorbeeld, zie ik dat ze met iets sterks op de proppen komen dat hen als groep dusdanig typeert en toont waar ze vandaan komen. Als ik naar muziek luister dan hoor ik als het ware een frequentie boven op die muziek.»

Veto: Heb je dat gevoel ook bij De Kreuners, waarvoor je een nummer hebt geschreven?

Pawlowski: «In hun beginperiode hebben ze ongelooflijk prachtige dingen gedaan. De eerste drie platen die ze hebben opgenomen vind ik écht heel goed. Wat er ook moge gebeuren, hoeveel Big Brothers er nog zullen gepresenteerd worden, het weerhoudt me er niet van een zeggingskracht in hun muzikaliteit te erkennen.»

Veto: Hoe verloopt de tournee van het Black Europa album samen met The Grooms?

Pawlowski: (Lacht) «'Tournee' is een groot woord in België. We hebben in enkele clubs gespeeld waar telkens maar een paar honderd mensen binnen konden. Het laatste optreden is op 24 maart in de Monty in Antwerpen en daarna doen we een drietal optredens in Nederland. In de zomer doen we zeker nog enkele zomerfestivals.»

Veto: Tijdens het optreden in de Handelsbeurs viel het me op dat jullie te kampen hadden met geluidsproblemen.

Pawlowski: «Daar heb ik niets van gemerkt.»

Veto: Op het einde van een nummer zag ik gitarist Steven Janssens wild naar zijn oor grijpen. Je kondigde aan dat je even alleen verder moest terwijl het technisch probleem opgelost werd.

Pawlowski: «Ah ja! Dat was eigenlijk heel toevallig allemaal. Ik breng tijdens onze optredens sowieso enkele nummers solo. Ik improviseer dat op het moment zelf (In de AB kon je een speld horen vallen toen hij een minimedley van Sad Planet en By my Baby speelde, cb). Tijdens het nummer, dat we speelden voor die solo, was er een overvloed aan feedback. Toen ik dan aankondigde dat er een probleem was, moeten het publiek gedacht hebben: 'Waar heeft die jongen het over?' Wat bleek nu? Er was niets mis met het geluid in de zaal, er klopte iets niet met onze monitoren.»

Rondlummelen

Veto: Je staat bekend als een enorm productieve muzikant. Met de logge werking van de muziekindustrie in het achterhoofd, mogen we aannemen dat je nu met dingen bezig bent waar we ongeveer over een jaar iets van gaan horen?

Pawlowski: «Dat valt wel mee, hoor. Ik heb andere kanalen gevonden om dingen sneller te releasen.»

Veto: Via je eigen Future Archive Networks label?

Pawlowski: «Inderdaad. En door op een heel kleinschalige manier met cassette- en CD-R labels te werken. Veel van de grooves die je vanavond te horen kreeg, zullen op de volgende CD van Somnabula belanden. Tijdens het optreden heb ik enkel bij één nummer een riff van Sun Ra gebruikt, voor de rest heb ik het met eigen materiaal aangevuld. Maar om nu terug te komen over wat je zei over mijn productiviteit. Dat is allemaal relatief. Ik zit ook veel rond te lummelen en te feesten, zenne. Maar op de een of andere manier blijkt op het einde van de maand dat ik ímmens veel muziek heb zitten maken. Ik sta daarenboven altijd vroeg op en dat helpt ook.»

Veto: Elke dag om negen uur?

Pawlowski: «Klopt. Ik breng mijn lief naar haar werk, drink dan een koffie, ga soms de blitse kerel uithangen in een van de Antwerpse cafés (lacht) en duik dan de studio in. Die regelmaat is pure noodzaak. Ik ben het type muzikant dat veel improviseert. Ik doe maar wat, weet ge wel. Met als gevolg dat ik er zelf geen zicht op heb of ik nu goed of slecht bezig ben. Het is aan het publiek om daarover te beslissen. Het zegt me helemaal niets een heel jaar aan nummers te sleutelen om dan de meest perfecte plaat proberen uit te brengen. Dat interesseert me gewoonweg niet. Ik doe mijn best, meer kan ik niet doen.» Veto: Bezig blijven?

Pawlowski: «Nee, niet per sé bezig blijven om bezig te blijven. Ik kom gewoon op veel ideeën. Als er dan een instrument in de buurt is -- wat meestal het geval is (lacht) -- dan ben ik vertrokken.»

Veto: Over instrumenten gesproken. Voor je bisnummer haalde je een driehoekig snaarinstrument boven. Waar heb je dat in godsnaam vandaan gehaald?

Pawlowski: (enthousiast) «Ik speel muziek in een kindertheaterstuk en ik ben vandaag naar de muziekwinkel gegaan om een synthesizer te kopen. Ik ben met dit en een mondharmonica naar buiten gekomen. (haalt factuur boven) Het heet psalterium.»

Inquisitie

Veto: Vanwaar is het afkomstig?

Pawlowski: «Ik zou het begot niet weten. Ik zag het liggen en dacht: "Fuck die synthesizer, dit is van mij!" Iedereen op de repetitie was benieuwd naar mijn nieuwe synthesizer en dan zien ze me daar aankomen met dit ding (lacht). Het ziet eruit als een soort van buitenaards inquisitie muziekinstrument. (al tokkelend met falsetstem) Op de brandstapel! Oooh!»

Veto: Binnenkort ben je in het kader van Geletterde Mensen terug in Leuven.

Pawlowski: «Ja, dat is op 21 april, samen met Paul Mennes en Christophe Vekeman. Het gaat in dit geval vooral om de schrijvers. Ik verzorg het muzikale intermezzo. Hoe de avond zal verlopen, is te vergelijken met Saint-Amour. We zijn er nog niet uit hoe we het gaan aanpakken. Volgende week beginnen we met de repetities.»

www.mauropawlowski.com

Geletterde Mensen met Christophe Vekeman, Paul Mennes en Mauro Pawlowski op woensdag 21 april om 20u in de stadsschouwburg.